Transmitir (uitzenden) - Subjuntivo presente, subjuntivo (Aanvoegende wijs tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs)

 Transmitir (uitzenden) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Transmitir - Vervoeging van uitzenden in het Spaans: Vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de aanvoegende wijs, conjunctief tijd (Subjuntivo presente, subjuntivo).

Subjuntivo presente, subjuntivo (Aanvoegende wijs tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Transmitir (uitzenden) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Lesprogramma: Spaanse les - ¿Qué pasan en la tele? (Wat is er op televisie?)

Vervoeging van uitzenden in de aanvoegende wijs tegenwoordige tijd

Spaans Nederlands
yo transmita ik zend uit
tú transmitas jij zendt uit
él/ella transmita hij zendt uit
nosotros/nosotras transmitamos wij zenden uit
vosotros/vosotras transmitáis jullie zenden uit
ellos/ellas transmitan zij zenden uit

Voorbeeldzinnen

Spaans Nederlands
Espero que yo transmita el mensaje de manera clara. Ik hoop dat ik de boodschap duidelijk uitzends.
Es importante que tú transmitas la información correcta en el telediario. Het is belangrijk dat jij de correcte informatie uitzendt in het journaal.
Quiero que él transmita una imagen verídica en el programa. Ik wil dat hij een waarheidsgetrouw beeld uitzendt in het programma.
Es esencial que nosotros transmitamos la serie con un contenido impactante. Het is essentieel dat wij de serie met een impactvolle inhoud uitzenden.
Procurad que vosotros transmitáis la conferencia en directo. jullie zenden de conferentie live uit
Es necesario que ellas transmitan el telediario a tiempo. Het is noodzakelijk dat zij het journaal op tijd uitzenden.

Oefening: Werkwoordsvervoeging

Instructie: Kies de juiste vorm.

Toon vertaling Toon antwoorden

transmitamos, transmitan, transmitáis, transmitas, transmita

1.
Procurad que vosotros ... la conferencia en directo.
(Jullie zenden de conferentie live uit)
2.
Es necesario que ellas ... el telediario a tiempo.
(Het is noodzakelijk dat zij het journaal op tijd uitzenden.)
3.
Espero que yo ... el mensaje de manera clara.
(Ik hoop dat ik de boodschap duidelijk uitzends.)
4.
Quiero que él ... una imagen verídica en el programa.
(Ik wil dat hij een waarheidsgetrouw beeld uitzendt in het programma.)
5.
Es esencial que nosotros ... la serie con un contenido impactante.
(Het is essentieel dat wij de serie met een impactvolle inhoud uitzenden.)
6.
Es importante que tú ... la información correcta en el telediario.
(Het is belangrijk dat jij de correcte informatie uitzendt in het journaal.)